Enkele kenmerken van het Marokkaans-Arabisch

By , 31 oktober 2010 12:16

WORTELSYTEEM EN MODELSYSTEEM

Het Marokkaans-Arabisch is, net als bij het MSA, gebaseerd op een wortelsysteem. De wortel (basis of stam van een woord) wordt in de meeste gevallen door drie medeklinkers gevormd die een primaire betekenis hebben. Door middel van voor-, in- en achtervoegsels worden volgens vaststaande patronen woorden gevormd, het is dus ook een modelsysteem. Zo duidt het voorvoegsel mein veel gevallen de plaats van iets aan, en het voorvoegsel mu– vaak een handelend persoon. Zelfstandige naamwoorden zijn mannelijk of, in de meeste gevallen als zij op de letter /a/ eindigen, vrouwelijk. Bijvoeglijke naamwoorden worden gevormd naar het woord waar zij bij horen, namelijk naar geslacht (dus mannelijk of vrouwelijk) en getal (enkel- of meervoud).  Het Marokkaans kent in tegenstelling tot het MSA geen naamvalsverbuigingen.

VOORBEELDEN

In onderstaande voorbeelden wordt de wortel  ter verduidelijking met hoofdletters aangegeven. Kijken we naar het woord KTeB, dan zien we dat het woord uit de medeklinkers K-T-B bestaat. De wortel KTB heeft te maken met schrijven, KTeB = schrijven. De korte klinker /e/ is ingevoegd tussen de T en de B, dit model hoort bijvoorbeeld bij sterke werkwoorden van de basisstam.

Andere woorden die de wortel K-T-B bevatten zijn onder andere:

  1. KTeB – boek
  2. KTuB – boeken
  3. KāTeB/KāTiB –  schrijver
  4. meKTaBa – bibliotheek/boekwinkel (boekenplaats)
  5. meKTeB – kantoor/bureau (schrijfplaats)
  6. ne-KTeB – ik schrijf
  • l-KaTeB ka ne-KTeB le-KTaB fe-l-meKTeB. – De schrijver schrijft het boek op (in) (het) kantoor.

Het woord voor (be)studeren/leren is DReS,  en bestaat uit de medeklinkers D-R-S die de wortel vormen. Andere woorden die uit deze wortel zijn samengesteld zijn onder andere:

  1. DeRS – les
  2. DuRūS – lessen
  3. me-DRaSa – school (leerplaats)
  4. mu-DeRRiS – leraar
  5. mu-DeRRiSa – lerares
  6. ne-DReS – ik leer/ik (be)studeer
  • ka ne-DReS  d-DuRūS fe-l-meDRaSa. – Ik be(studeer) de lessen op (in de) school.

BIJVOEGLIJK NAAMWOORD

Bijvoeglijke naamwoorden staan achter het zelfstandig naamwoord waar ze bij horen en worden overeenkomstig vervoegd. KBīR = groot, SaHL = makkelijk

  1. KTaB KBīR – een groot boek (letterlijk: boek groot)
  2. me-DRaSa KBīRa – een grote school (letterlijk: school groot)
  3. KTuB KBaR – grote boeken  (letterlijk: boeken groot)
  4. DeRS SaHL – een makkelijke les (letterlijk: les makkelijk)
  5. DiRaSSaHLa – een makkelijke studie (letterlijk: studie makkelijk)
  6. DuRūS SaHLin –  makkelijke lessen (letterlijk: lessen makkelijk)

Comments are closed